Toekomstige evenementen

  1. Kerkdienst Petrus & Pauluskerk

    10 april 19:30
  2. Kerkdienst Vredekerk

    10 april 19:30
  3. PaasChallenge 2020 gaat niet door

    11 april - 12 april
  4. Kerkdienst Donatuskerk

    11 april 22:00
  5. Kerkdienst Jacobuskerk

    12 april 10:00
  6. Kerkdienst Vredekerk

    12 april 10:00
  7. Kerkdienst Petrus & Pauluskerk

    19 april 09:30
  8. Kerkdienst Vredekerk

    19 april 09:30
  9. Kerkdienst Mariakerk ‘t Zandt

    26 april 09:30
  10. Kerkdienst Vredekerk

    26 april 11:00

Liturgie voor het morgengebed van 22-03-2020 wijk Maarland in Jacobuskerk

ORDE VOOR HET MORGENGEBED VAN 22 MAART 2020
IN DE JACOBUSKERK IN ZEERIJP

De Paaskaars brandt

Orgelspel

Klokgelui

Welkom

De tafelkaarsen en het lichtje van de kinderdienst worden aangestoken.

Openingsvers
V:          Heer, open mijn lippen.
G:          Mijn mond zal zingen van Uw eer.
V:          God, kom mij te hulp.
G:          Haast U mij te helpen.

ZONDAGMORGEN, gedicht van Ida Gerhardt
Het licht begint te wandelen door het huis
en raakt de dingen aan. Wij eten
ons vroege brood gedoopt in zon.
Je hebt het witte kleed gespreid
en grassen in een glas gezet.
Dit is de dag waarop de arbeid rust.
De handpalm is geopend naar het licht.

Orgelspel rond Psalm 121

Psalmlezing: Psalm 121
1Een ​pelgrimslied. Ik sla mijn ogen op naar de bergen, van waar komt mijn hulp? 2Mijn hulp komt van de Ene die hemel en aarde gemaakt heeft. 3Hij zal je voet niet laten wankelen, hij zal niet sluimeren, je wachter. 4Nee, hij sluimert niet, hij slaapt niet, de wachter van Israël. 5De Ene is je wachter, de Ene is de schaduw aan je rechterhand: 6overdag kan de zon je niet steken, bij nacht de maan je niet schaden. 7De Ene behoedt je voor alle kwaad, hij waakt over je leven, 8de Ene houdt de wacht over je gaan en je komen van nu tot in eeuwigheid.

Orgelspel rond Psalm 121

Inleiding
In de bijzondere setting van deze morgen volgen we niet de verhalen die het leesrooster voor vandaag aangeeft.

Het is de vierde zondag van de Veertigdagentijd. Dat betekent dat we, als ik goed reken, 21 van de 40 dagen hebben gehad. Pasen komt dus in zicht, we zijn over de helft. Vandaar dat de kleur van deze zondag roze is: door het Paars van de vastentijd, licht al het wit op – de kleur van Pasen.

Dat komt ook terug in de uitleg, hoewel ik – zoals gezegd – niet de gewoonlijke lezingen voor deze zondag volg. Het zijn wat gedachten over geloven in deze tijd, waarin het Corona virus  rondwaart. Dat doe ik aan de hand van een merkwaardig verhaal uit het evangelie van Matheus.

Lezing: Matheus 14: 22 – 33
22Meteen daarna gelastte hij de ​leerlingen​ in de ​boot​ te stappen en alvast vooruit te gaan naar de overkant, hij zou ook komen nadat hij de mensen had weggestuurd. 23Toen hij hen weggestuurd had, ging hij de berg op om er in afzondering te ​bidden. De nacht viel, en hij was daar helemaal alleen. 24De ​boot​ was intussen al vele stadiën van de vaste wal verwijderd en werd, als gevolg van de tegenwind, door de golven geteisterd. 25Tegen het einde van de nacht kwam hij naar hen toe, lopend over het meer. 26Toen de ​leerlingen​ hem op het meer zagen lopen, raakten ze in paniek. Ze riepen: ‘Een spook!’ en schreeuwden het uit van angst. 27Meteen sprak ​Jezus​ hen aan: ‘Blijf kalm! Ik ben het, wees niet bang!’ 28Petrus​ antwoordde: ‘Heer, als u het bent, zeg me dan dat ik over het water naar u toe moet komen.’ 29Hij zei: ‘Kom!’ ​Petrus​ stapte uit de ​boot​ en liep over het water naar ​Jezus​ toe. 30Maar toen hij voelde hoe sterk de wind was, werd hij bang. Hij begon te zinken en schreeuwde het uit: ‘Heer, red me!’ 31Meteen strekte ​Jezus​ zijn hand uit, hij greep hem vast en zei: ‘Kleingelovige, waarom heb je getwijfeld?’ 32Toen ze in de ​boot​ stapten, ging de wind liggen. 33In de ​boot​ bogen de anderen zich voor hem neer en zeiden: ‘U bent werkelijk Gods Zoon!’

 Orgelspel: U komt de lof toe
U komt de lof toe,
U het gezang,
U alle glorie,
o Vader, o Zoon, o Heilige Geest
in alle eeuwen der eeuwen.

Overdenking
Gemeente van onze Heer, Jezus Christus

De goede schepping en het kwade virus, hoe vallen die twee te rijmen?
In het begin had God toch alles mooi gemaakt, en Hij zag dat het goed was. Hoe kan het dan dat er toch zomaar een kwaad virus opduikt? Sommigen zeggen: zondeval, de schuld van de mens. Maar dat vind ik te gemakkelijk. Want ook al voor de zondeval kroop het kwaad in de vorm van een slang rond in het Paradijs. Je zou ook kunnen zeggen: dat virus, dat is welkome schifting van de menselijke soort, de natuur brengt zichzelf zo mooi in evenwicht. De sterksten overwinnen. Maar het opvallende is dat de menselijke soort daar zelf niet zo over denkt. Mensen doen er alles aan om elkaar te helpen, China schiet Italië te hulp, we applaudisseren voor het personeel in de zorg, en in onze dorpen bedenken mensen manieren om elkaar te helpen. Op onvermijdelijke oprispingen van zelfbehoud na, zoals dat hamsteren – mensen blijven tenslotte dieren – leggen mensen zich niet neer bij de ondergang van de zwakkeren, integendeel.

Hoewel ik erg graag in de natuur mag wandelen, ben ik tegelijk nooit zo’n liefhebber geweest van natuurfilms. De natuur is zo verwarrend tegenstrijdig. Je ziet dat prachtige jachtluipaard, een schitterende verschijning. Maar als die dan even later dat panische hertje aan stukken scheurt, dan slaat bij mij de verrukking om in afkeer. Als het over geloven gaat: het lukt mij maar niet om in de natuur iets over God af te lezen. Ja, wel dat alles mooi en verrukkelijk kan zijn, imposant is het. Maar tegelijk ook zo gruwelijk!

Het verhaal dat ik net voorlas uit het Matheus evangelie is mijn lievelingsverhaal. Dat is allang zo. Soms kreeg ik er tranen van in mijn ogen. Hoe dat kan met zo’n vreemd verhaal, ben ik langzaam gaan begrijpen. Het zit ‘m niet in het wonder, eerlijk gezegd heb ik daar weinig mee. Nadoen kan ik het niet. Sterker nog: iemand die Kindernevendienst geeft sprak ooit haar angst uit dat kleine kinderen denken, dat kan ik ook; ik ga Jezus nadoen! Ook mensen die zeggen dat dit verhaal waar gebeurd is, halen hun troost niet uit die overtuiging. Die troost zit in iets anders, iets wat het verhaal van binnen met je kan doen.

Je ziet het aan wat er met Petrus gebeurt, op het moment dat hij bang wordt. In de tekst van Matheus staat dan: hij begon te zinken. Dat kan zeker niet bij gewoon water, daar zak je in een beweging dwars doorheen. Daar is geen sprake van ‘hij begon te zinken’. Maar dit water is geen gewoon water. Dit water staat symbool voor het leven, het onzekere leven. Het staat symbool voor alles wat een mens daarin kan overkomen.  Zoals Petrus begint te zinken, zo gebeurt dat met mensen: dat ze het niet meer redden, dat ze dreigen ten onder te gaan, dat ze het hoofd niet meer boven water kunnen houden, dat ze worden opgeslokt door de dood.

Petrus loopt over het water. Dat is wat ons menselijk bestaan in feite inhoudt: het onzekere leven leven. Petrus is dapper, er is moed voor nodig om het leven te leven. Maar Petrus is ook bang. Als de wind tegen is in je leven, als het je niet meer lukt, als je ziek wordt, als je een geliefde kwijtraakt, als je je alleen gelaten voelt. Bang en dapper, die beide geven twee basis gevoelens van het menselijk bestaan aan. De angst die kan toeslaan en de moed, de dapperheid die nodig is om verder te gaan.

Opvallend is, wat er in het verhaal niet staat. Er staat niet: God gaf een sterke wind, zodat de golven hoog werden. Ook in het andere verhaal over de storm op het meer, dat Matheus opschreef, staat dat niet. Het stormt gewoon. Een stukje voor ons verhaal, schrijft Mattheus dat Jezus ergens uit de boot stapt. Hij ziet al die mensen en voelt medelijden met hen en hij geneest hun zieken. Er staat niet bij dat God hun die ziekte gestuurd heeft. Nee, er staat dat Jezus medelijden heeft en helpt. Ook in ons verhaal is het Jezus die helpt. Heer, red me! schreeuwt Petrus uit. Meteen strekt Jezus zijn hand uit, hij grijpt hem vast.

Er is nog iets anders met dit verhaal. Als de leerlingen Jezus zien lopen over het water, roepen ze: Een spook! Ze schreeuwen het uit van angst. Dat zou ik ongetwijfeld ook doen. Maar de vreemde verschijning van Jezus daar op het water, die doet ook denken aan die andere vreemde verschijningen van Jezus – na de opstanding. Ook dan is er angst, ook dan is Jezus dezelfde maar tegelijk anders. Zo verwijst dit verhaal ook naar de opstanding van Jezus. En die opstanding heeft ook als betekenis: wanhoop niet! Wanhoop niet, in leven en door de dood heen – die hand is er, die je vastgrijpt als je door alles heen zakt, als de moed je in de schoenen zakt, als je door de angst wordt opgeslokt. Die hand is er.

Waarover ik ook nog iets wil zeggen is dat ‘kleingelovige’. Jezus zegt tegen Petrus: Kleingelovige, waarom heb je getwijfeld. Je zou dat als een verwijt kunnen zien, maar dat doet geen recht aan Petrus; het doet geen recht aan dit verhaal. Het is zoals het kind dat wacht op zijn moeder. En de moeder komt niet en het kind gaat huilen, tranen stromen over zijn wangen. Maar opeens is daar zijn moeder en ze zegt:  dommertje, waarom ben je gaan huilen, je weet toch dat ik altijd kom. Kleingelovige is een troetelnaam. Het is geen verwijt. Hoe kan dat ook. Wat kan een mens meer zijn dan een kleingelovige: dapper en bang. Met twijfels en met geloof tegen de klippen op dat in tijd van nood er iemand is die je hand vasthoudt. In Coronatijden mag je elkaar niet vasthouden, maar het symbool is duidelijk. Er zijn zoveel manieren om elkaar vast te houden, zonder elkaar letterlijk vast te houden.

Het verhaal eindigt in de boot. De leerlingen buigen zich voor Jezus neer: U bent werkelijk Gods Zoon! zeggen ze. Dat mag je van mij letterlijk nemen, maar iets anders is veel belangrijker. Dat is: aan Jezus zie je hoe God is, aan Jezus kun je aflezen hoe God is. Niet de Grote Regelaar die het kwade stuurt, die voor stormen en ziektes zorgt. Maar nee! God is iemand die in nood jouw hand vasthoudt. En juist dat kunnen we in deze moeilijke tijden ook doen: elkaar vasthouden.

Amen

Orgelspel

Lezen van Gezang 917, Ga in het schip, zegt Gij

1. Ga in het schip zegt Gij,                      2. Geeft Gij ons nu een steen,
steek van het strand.                               meester voor brood?
Vaar tegen wind en tij,                             Laat Gij ons nu alleen?
vaar naar de overkant,                            Laat Gij ons in de nood?
wacht daar op Mij.                                   Zendt Gij ons heen?

3. Wij zien alleen nog maar                    4. Wandelt Gij als een schim
water en wind.                                         over het meer?
Zegt Gij dan: wacht Mij daar?                 Werd Gij een verre glimp?
Wij, nu de nacht begint,                          Heer, zijt Gij onze Heer,
weten niet waar.                                      kom van de kim!

5. Kom met uw scheppingswoord        6. Ik ben het, zegt Gij dan.
in onze ziel!                                              Kom maar met Mij
Spreek dat de wind het hoort!              mee naar de overkant.
Kom, dat het water knielt,                     Wees maar niet bang, zegt Gij,
bij ons aan boord!                                   hier is mijn hand.

 Orgelspel

Collecte-aankondiging

De collecte is vandaag voor het tweede doel van het Veertigdagenproject van onze gezamenlijke diaconieën: de camping Polemonium van Appie Wijma in Opende, een camping voor mensen met een minimum inkomen.

Giften kunt u / kun je overmaken over bankrekening NL60 SNSB 090 18 74 329 op naam van Diaconie Maarland, onder vermelding van “camping”. Zie voor het rekeningnummer ook, de website of voorin het kerkblad.

Gebeden

 Er zijn nu twee mededelingen van overlijden:

 Wij luisteren naar orgelspel en zang van:

Gezegend die de wereld schept, Gezang 984:4

  1. Gezegend die de mensen roept
    tot liefde, vruchtbaarheid en moed
    om voor elkander te bestaan
    in eerbied voor zijn grote naam.

V:Dankzeggingen en voorbeden
U, die onze bondgenoot bent in leven en dood
die dit leven op deze aarde,
dit onzekere bestaan omarmt en omvat
in liefde zonder einde.
U die niet loslaat wat uw hand begon
alles wat met vreugde en verdriet
in dit heelal plaatsvindt.

Uw Naam zegenen wij.
En U , U alleen bidden wij
voor onze wereld, in deze tijden van onzekerheid en ziekte,
dat wij er samen voor staan.
God wij vragen U

Hoor ons gebed
Voor vluchtelingen, in dubbele ontreddering,
dat er naar hen omgekeken wordt,
dat wij hen niet vergeten
God wij vragen U

Hoor ons gebed
U bidden wij voor onze regering, om wijs beleid en lange adem,
voor oud-minister Bruins om rust.
God wij vragen U

Hoor ons gebed
Voor mensen met psychische problemen, die zich er alleen voor voelen staan,
voor ouderen, voor mensen die eenzaam zijn,
dat er mensen zijn die het zien
God wij vragen U

Hoor ons gebed
Voor mensen met een minimum inkomen, in dubbel onzekerheid,
wij bidden om uw zegen over het werk van Appie Wijma en van de Voedselbanken,
God wij vragen U

Hoor ons gebed
Voor mensen die ziek zijn, voor mensen in rouw,
voor de familie van Sjoerdje Vermaase en van Aafke Folkertsma,
God wij vragen U

Hoor ons gebed
In stilte zeggen wij U wat ons hart ons ingeeft,
wees zelf de ziel van onze gebeden

……stilte…….

God wij vragen U

Hoor ons gebed
Samen bidden wij:

G:          Onze Vader  in de hemel,
              laat Uw naam geheiligd worden,
              laat Uw koninkrijk komen
              en Uw wil gedaan worden
              op aarde zoals in de hemel.
              Geef ons vandaag het brood
              dat wij nodig hebben.
              Vergeef ons onze schulden,
              zoals ook wij hebben vergeven
              wie ons iets schuldig was.
              En breng ons niet in beproeving
              maar red ons uit de greep van het kwaad.
              Want aan U behoort het koningschap,
              de macht en de majesteit
              tot in eeuwigheid.  Amen.

Orgelmuziek rond Gezang 919, Gij die alle sterren houdt
Gij die alle sterren houdt
in uw hand gevangen,
Here God hoe duizendvoud
wekt Gij ons verlangen!
Ach ons hart is verward,
leer het op uw lichte
hoge rijk zich richten.

  1. Want de lichten die wij zelf
    aan de hemel stelden,
    glinsterend in het zwart gewelf,
    sterren ongetelde,-
    al hun glans   dooft nochtans,
    dan is heel ons leven
    door de nacht omgeven.
  2. God is dan wat U verliet
    uit uw hand gevallen?
    Mist Gij onze wereld niet
    bij uw duizendtallen?
    Blijf niet ver,  doe één ster
    in de nacht ons gloren,
    of wij zijn verloren!
  3. Christus, stille vaste ster,
    o Gij licht der lichten,
    waarnaar wij van her en der
    onze schreden richten,-
    geef ons moed, ’t is ons goed
    U te zien, getrouwe,
    uw hoog rijk te aanschouwen.

Uitzending en zegen
Waar je ook bent,
of je nu in isolatie zit of kunt gaan waar je wilt,
ontvang de zegen van de Eeuwige,
laat je dragen door die zegen en draag die zegen uit:

De Eeuwige zegene ons en behoede ons,
de Eeuwige doe zijn Aangezicht over ons lichten
en zij ons genadig,
de Eeuwige verheffe zijn Aangezicht over ons
en geve ons vrede.

Amen

 

Nieuwsbrief Vredekerk

Bijbelvers van de dag

Maar hij was het die onze ziekten droeg, die ons lijden op zich nam. Wij echter zagen hem als een verstoteling, door God geslagen en vernederd.