meditatie februari maart 2020

Een oase zijn

door Gerda Potze

|

Onze roeping is een oase te zijn.
Elke oase is een teken van hoop aan de horizon.

 Een oase ben je als mensen zich goed bij jou voelen,
Als je vriendelijk blijft waar anderen onvriendelijk worden,
Als je zomaar helpt waar niemand meer helpt,
Als je mild bent en tot vergeven bereid,
Als je mensen de ruimte geeft om anders te zijn.

Deze tekst stond op een nieuwjaarskaart die ik toegestuurd kreeg. Een tekst voor op een tegeltje. Ik kreeg er meteen allerlei associaties bij.

In het laatste halfjaar van mijn studie HBO-V heb ik mij verdiept in spirituele zorg door verpleeg­kundigen. Spirituele zorg, zorg voor de geest, zorg voor datgene dat mensen maakt tot de mens die ze zijn, blijkt in de gezondheidszorg van groot be­lang te zijn. Als je, kort gezegd, als verpleegkundi­ge luistert naar dat wat de patiënt beweegt, dat wat belangrijk voor hem/haar is, waar hij of zij zich zorgen om maakt en waar hij of zij troost uit put, dan verleen je spirituele zorg. En wanneer een patiënt zich gekend weet als mens, dan heeft dat grote meerwaarde voor zijn gezondheid. Uit onderzoek blijkt dat men beter kan slapen, dat depressies minder diep worden, dat patiënten be­ter om kunnen gaan met hun ziek-zijn en dat spi­rituele zorg het herstel bevordert.

Toen ik het artikel over spirituele zorg schreef, dacht ik al: “maar als dat in de zorg geldt, dan geldt het toch zeker ook daarbuiten?” Om gekend te willen zijn als mens hoef je niet eerst ziek te zijn. Iedereen kan toch de uitdagingen van het le­ven beter aan als hij/zij zich gekend weet door de ander? Op het professionele vlak hebben we richtlijnen en protocollen geschreven over spiri­tuele zorg, maar daarbuiten lukt het ook prima zonder die documenten.

Door te luisteren naar dat wat de ander echt be­weegt, door zomaar te helpen waar niemand meer helpt, door mild te zijn en tot vergeven be­reid, door mensen de ruimte te geven om anders te zijn.

En niet alleen die ander bevindt zich dan in een oase, maar ook jij. En zo kom ik uit bij het verhaal over het Christus­beeld zonder handen.

Een klein dorp in Normandië, Frankrijk, had zwaar geleden in de oorlog. Velen van haar inwo­ners waren gedood, of gewond geraakt. De men­sen voelden zich verslagen, eenzaam en ontroost­baar. De meeste gebouwen waren verwoest.

De Amerikaanse soldaten hielpen de mensen bij het bouwen van noodwoningen en barakken. Een groepje soldaten hielp ook mee bij het herstellen van het kerkje. 

Er was in dat kerkje een beroemd middeleeuws kruisbeeld, waar de mensen van het dorp van hielden, en aan gehecht waren. Na lang zoeken en voorzichtig puinruimen vonden de soldaten het oude houten kruis. Alleen de handen van het beeld ontbraken. Hoe ze ook zochten, die bleven spoorloos, en de mensen hadden daar verdriet om. Toen pakte een soldaat een stuk krijt, en schreef met grote letters op de balk van het kruis: “Jullie zijn mijn handen”.

Hoe droevig de omstandigheden ook in het ver­haal, ik vind het een prachtig beeld. Handen van God zijn, oase zijn, een teken van hoop aan de horizon.

Onze roeping, laten we daar gehoor aan geven!

 

De nieuwsbrief

Bijbelvers van de dag

Dus door te luisteren komt men tot geloof, en wat men hoort is de verkondiging van Christus.

protestantse gemeente i.w. Vredekerk/Maarland