Onder de toren op dinsdag 7 april: maaltijd van de Heer

De laatste keer dat we brood en druivensap deelden, deden we dat met het corona virus als kwade indringer in ons midden. We konden elkaar geen hand geven tijdens het Onze Vader, we konden elkaar geen vredegroet geven met de hand, we dronken niet meer samen uit één beker.

Nu zijn er deze week twee diensten waarin we gewend zijn om de maaltijd van de Heer te vieren: Witte Donderdag, als we het laatste avondmaal van Jezus met zijn leerlingen gedenken. En de Paaswake, als we brood en wijn delen in het geloof dat de Heer is opgestaan.

Een gewone avondmaalsviering zit er deze week niet in. Mijn eerste gedachte was: dan neemt ieder wat brood en wijn / druivensap en eet en drinkt in z’n eigen huis, terwijl je luistert naar Kerkomroep.nl.

Maar een ingezonden stuk in Dagblad Trouw van twee docenten liturgie aan de Protestantse Theologische Universiteit veranderde mijn mening. Ze schrijven:

De maaltijdgemeenschap is ook een oefening in het naar elkaar omzien. Het is pijnlijk dat we elkaar nu niet fysiek kunnen ontmoeten en dat brood en wijn niet in de kring kunnen rondgaan. Maar de kunst zal zijn om niet te proberen die pijn op te lossen. Juist de afwezigheid en onmogelijkheid van het sacrament bepaalt ons bij de crisis. Die opgestane Heer is niet alleen maar bij ons als het ons lukt slim om die crisis heen te werken – integendeel: in het Paasverhaal is God juist aanwezig bij mensen die lijden, in nood zijn en gemis ervaren.”

Altijd als we brood en wijn delen doen we dat in verbondenheid met elkaar en met Christus. Dat betekent in verbondenheid met een wereld aan nood en behoefte en verlangen.

Deze week kunnen we door die nood niet samenkomen. Ik vind het dan mooi om van die nood een deugd te maken….nee, dat klinkt te braaf. Ik bedoel: als we ons onthouden van brood en wijn, dan missen we iets. En in dat missen blijft het besef scherp dat er zoveel nood is in en om ons heen.

Als we in de weer zouden gaan met brood en wijn voor de microfoon of in de huiskamer, zouden we suggereren dat zo’n gebaar het missen opheft. Door dat niet te doen kunnen we in het gemis misschien denken aan (en bidden voor) allen in nood en ook aan de mensen die hen helpen. In het geloof dat juist daar de plaats is, waar ook de Heer van de Maaltijd op dit moment druk doende is.

domie Tjalling

Reageren? Mail / bel met Tjalling Huisman: 0596 571393 / tjhuisman27@gmail.com

De nieuwsbrief

Bijbelvers van de dag

Dus door te luisteren komt men tot geloof, en wat men hoort is de verkondiging van Christus.

protestantse gemeente i.w. Vredekerk/Maarland